Laatste waarnemingenOKTOBER 2026 - 3

Kraanvogels in aantocht!

Update: geschreven op 14 oktober 2026 op De KRAANVOGELRADAR 

De kraanvogeltrek komt nu echt steeds dichterbij. Het merendeel van de kraanvogels heeft Scandinavië inmiddels verlaten, en de aantallen in het nabijgelegen Diepholz beginnen sterk op te lopen (meer dan 12 duizend kraanvogels volgens de tellingen afgelopen weekend). In de omgeving van Diepholz is er ruim voldoende voedsel te vinden, en de vele veengebieden bieden 's nachts rust en bescherming tegen verstoring door mensen en roofdieren. Daarom gebruiken de kraanvogels deze omgeving al jaren als verzamelplaats tijdens de trek, en zullen ze hier massaal gaan rusten en bijtanken voor de volgende etappe richting het zuiden. Steeds meer kraanvogels zullen ook proberen in dit gebied te overwinteren, zolang de winterkou uitblijft en er voldoende voedsel beschikbaar blijft. Anderen zullen na een periode van rust wachten op het juist moment om verder te trekken. En dat moment is nu misschien aangebroken...

Wanneer trekken de kraanvogels over Nederland?

Kraanvogels trekken in het najaar van half oktober tot december over Nederland, met een piek eind oktober en begin november. De voorjaarstrek loopt van eind februari tot eind maart. Noordoostenwind, nachtvorst en helder weer duwen de trekbaan westwaarts. Sinds 2001 broeden ze hier weer; in 2025 telde Sovon 81 paren.

Zelfs wie het kilometers ver dragende geluid niet kent, kijkt op bij het trompetterende kruu-oe… kruu-oe en wacht af wat er en in welk aantal over het hoofd komt vliegen.

Twee periodes per jaar, en ze zijn tamelijk scherp begrensd.

Najaarstrek: half oktober tot in december. De piek ligt volgens Wageningen University & Research rond eind oktober en begin november. 

Voorjaarstrek: eind februari tot eind maart. De piek ligt eind februari en begin maart.

De KRAANVOGELRADAR  gebouwd door Wageningen University samen met Sensing Clues. Die combineert waarnemingen met windvoorspellingen en laat elke vijf minuten zien waar de vogels op dat moment vliegen, en hoe groot de kans is dat ze over jouw locatie komen.

Waar komen ze vandaan en waar gaan ze heen? Zie de Radar Kraanvogels op trek

De West-Europese trekroute omvat vogels uit Scandinavië, Duitsland, Polen, Tsjechië en de Baltische staten. Volgens NABU en Kranichschutz Deutschland nemen jaarlijks circa 400.000 kraanvogels deze smalle zuidwestelijke route. Duitsland telt ongeveer 11.000 broedparen.

Vanaf Diepholz vliegen ze via Nederland naar Lac du Der-Chantecoq in Noordoost-Frankrijk, waar eind oktober circa 90.000 vogels samenkomen. Een deel blijft; de rest trekt naar Laguna de Gallocanta, Extremadura en Andalusië.

In februari 2014 werd die samenhang zichtbaar: na vertrek uit Spanje op 23 februari telde Nederland op 24 februari ruim 12.000 kraanvogels, waarvan een kwart boven de Groote Peel; boven Frankrijk vlogen er minstens 90.000. De vogels boven Brabant sliepen 48 uur eerder bij Gallocanta.

Waarom er zoveel meer zijn dan vroeger

Bescherming in Duitsland en Scandinavië vergrootte de broedpopulatie. Nieuwe rustplaatsen, vooral de westelijk gelegen Diepholzer Moorniederung, versterkten de Nederlandse toename: meer vogels en een westelijker vertrekpunt.

Ook het klimaat speelt mee. Volgens Kranichschutz Deutschland worden trekroutes korter en verschuiven overwinteringsgebieden noordwaarts. Veranderd landgebruik, zachtere winters en beter beschermde rustplaatsen maakten Marokko minder belangrijk; inmiddels overwinteren 5.000 tot 10.000 kraanvogels in Duitsland, rond Osnabrück en Berlijn.

Het KNMI schetst het bredere kader: in veertig jaar is de gemiddelde jaartemperatuur in De Bilt ongeveer 1,5 graad gestegen, en trekvogels lopen daardoor een “klimaatschuld” op van gemiddeld meer dan 200 kilometer.

In 2025 beleefden we een topjaar voor kraanvogels in het Zouweboezemgebied. In het voorjaar zagen we maar liefst op vier dagen en in het najaar op één dag kraanvogels over ons heen vliegen. Vooral de waarneming in het najaar was bijzonder: al vanaf een kilometer afstand hoorden we ze, en na een tot twee minuten kwamen er drie overvliegen, waarvan één luid roepend.

In 2026 hebben we nog geen kraanvogel gezien. Op waarneming.nl staan de volgende meldingen in het voorjaar van 2026. Op 2 maart een foto van 13 kraanvogels boven Vianen. Daarnaast zijn er 10 waarnemingen van  telkens 1 ex., waarvan 1 met foto boven de Alblasserwaard en Vijfheerenlanden.

Zie op deze website: KRAANVOGELTREK OVER DE VIJFHEERENLANDEN, 2025

kraanvogels20exvoorjaarstrekpoldermiddelbroekmeerkerk0937en0938uur24022025 3

 

Kraanvogels (20 ex. op voorjaarstrek), Polder Middelbroek, Meerkerk, 09.37 uur, 24 febr. 2025.  
kraanvogelszouweboezemgebied1144uur06112025 4  
Kraanvogels (3 ex. op de najaarstrek), Zouweboezemgebied, 11.44 uur, 6 nov. 2025  

Tijdens de kraanvogelnajaarstrek de volgende dag met de trein naar Maastricht en met de NS-ebike naar de Karstraat bij Wittem de kraanvogeltrektelpost van Zuid Limburg.

kraanvogels70ex1200x800telpostkarstraatwittem1318uur07112025  
kraanvogels70ex1200x800telpostkarstraatwittem1319uur07112025  
kraanvogels70extelpostkarstraatwittem1317en1318uur07112025 2  
kraanvogels70extelpostkarstraatwittem1317en1318uur07112025 3  
kraanvogels70extelpostkarstraatwittem1317en1318uur07112025 5  
kraanvogels70extelpostkarstraatwittem1317en1318uur07112025 3  
kraanvogels70extelpostkarstraatwittem1317en1318uur07112025 1  
Kraanvogels (70 ex. op de najaarstrek), Kraanvogeltrektelpost Karstraat, Wittem, 13.17uur, 7 nov. 2025.  

 

Maandag 12 oktober 2026. In het Zouweboezemgebied was het een uitstekend luzernevlinderjaar met maar liefst drie soorten: de zuidelijke luzernevlinder, de oranje luzernevlinder en de gele luzernevlinder.

Maar dat niet alleen – het was ook een prachtig dagvlinderjaar. Naast de drie luzernevlinders werden na bijna 40 jaar weer hooibeestjes waargenomen. Bovendien werd de zuidelijke luzernevlinder als nieuwe dagvlindersoort toegevoegd en voor het eerst een kleine parelmoervlinder in het gebied gezien.

Volgend jaar gaan we op zoek naar de door klimaatverandering op drift geraakte kleine weerschijnvlinder en het kaasjeskruiddikkopje in het Zouweboezemgebied.

Op Nature Today luzernevlinders vanmorgen een verslag over de gele- en oranje luzernevinders in Nederland in 2026 met de kop "Nog steeds zijn luzernevlinders te zien."

 De zuidelijke luzernevlinder zagen we het eerst op de akkerdistels op 14 juli 2026 in het Zouweboezemgebied. 

zuidelijkeluzernevlinderopakkerdistel1200x750zouweboezemgebied14072026  
Zuidelijke luzernevlinder op akkerdistel, Zouweboezemgebied, 14 juli 2026.  

Luzernevlinders staan nog bekend als vrij schaars voorkomende vlinders, maar de laatste jaren worden ze veel gezien. Dat heeft vast en zeker te maken met klimaatverandering en met name opwarming. Beide soorten, de gele en de oranje luzernevlinder, hadden ook in 2026 een erg goed jaar.

Van de oranje luzernevlinders zagen we de eerste ex. begin augustus in het Zouweboezemgebied.

oranjeluzernevlinderopknoopkruidzouweboezemgebied08082026 2  
Oranje luzernevlinder op knoopkruid, Zouweboezemgebied,  8 aug. 2026.  

Trekvlinders, zoals de luzernevlinders, houden van warmte. Ze leven in zuidelijker streken en, als de weersomstandigheden het toelaten, trekken vanuit hun ‘vaste’ leefgebieden naar het noorden. Nu door klimaatverandering hier in Nederland de temperatuur significant stijgt, zie je dat er steeds meer luzernevlinders worden waargenomen. 

verspreiding gele en oranje luzernevlinder in nederland 2026 bron ndff   
De waarnemingen van de gele en de oranje luzernevlinder in 2026 (Bron: NDFF)  

Zowel de gele als de oranje luzernevlinder planten zich hier voort. Van de vlinders die hier in mei arriveren zullen, na de paring, de vrouwtjes eitjes afzetten op de waardplant. De rupsen overleven op allerlei vlinderbloemigen (klaverachtigen), zoals rolklaver, luzerne en wikkesoorten. De ontwikkeling gaat snel: na een maand kunnen de rupsen al verpoppen en in de loop van juni en juli vliegen de ‘nieuwe’ vlinders. Deze planten zich ook voort en bij goede omstandigheden kan dat leiden tot een grote nazomergeneratie in de loop van september en begin oktober. Dat laatste was zowel in 2025 als dit jaar het geval.

 Van de gele luzernevlinders zagen we de eerste ex. begin september in het Zouweboezemgebied.

geleluzernevlinderop knoopkruid zouweboezemgebied01092026 2  
Gele luzernevlinder op knoopkruid, Zouweboezemgebied, 1 sept. 2026  

We krijgen van heel veel vlinderliefhebbers berichten over veel luzernevlinders en ook veel mensen die dit jaar voor het eerst luzernevlinders in Nederland zien. Het zijn trekvlinders en dus erg mobiele vlinders die op allerlei plekken gezien kunnen worden. De gele luzernevlinder is in het zuiden en zuidoosten talrijk, de oranje luzernevlinder is in het westen en noorden wat meer aanwezig. De vlinders trekken nu voor een deel terug naar het zuiden, maar er zijn er ook die hier blijven. Tot er flink koude perioden komen, kun je ze nog tegenkomen.

Tekst: Kars Veling, De Vlinderstichting

We zien vanaf 2009 bijna jaarlijks de oranje luzernevlinders en vanaf 2016 de gele luzernevlinder in het Zouweboezemgebied. De kleine parelmoervlinder is daar echter nog nooit eerder waargenomen.

kleineparelmoervlinderopknoopkruidzouweboezemgebied13082026 3  
kleineparelmoervlinderopknoopkruidzouweboezemgebied13082026 1  
Kleine parelmoervlinder op knoopkruid, Zouweboezemgebied,  13 aug. 2026.  

Er was nog meer verheugend dagvlindernieuws in het Zouweboezemgebied en dat was al begin 1 juni: een paartje hooibeestjes werd gefotografeerd, iets wat bijna 40 jaar geleden voor het laatst gebeurde. Tot in de jaren '90 van de vorige eeuw was het een gewone dagvlindersoort in de graslanden van de Alblasserwaard en Vijfheerenlanden. Op 1 juni 2026 konden we eindelijk weer de eerste foto's maken van het hooibeestje in de Vijfheerenlanden.

hooibeestjemanzouweboezemebied01062026  
hooibeestjevrouwopmargrietzouweboezemgebied01062026  
Hooibeestje (man) op smalle weegbree en vrouw op margriet, Zouweboezemgebied, 1 juni 2026  

 

 

VERVOLG: OKTOBER 2026 - 2