Vrijdag 17 juli 2026. Vandaag weer een nieuwe insectensoorten in het Zouweboezemgebied gefotografeerd. Nr. 36; Aphrophora alni.
Aphrophora alni, een schuimcicade, is een veelvoorkomende plantparasiet in Europa, vooral in Nederland. Het insect heeft een halfvleugelig lichaam met een bruine basiskleur en voorvleugels die ruw en leerachtig aanvoelen, bedekt met kleine putjes. De soort is polyfaag en voedt zich met allerlei kruiden en loofbomen. De larven verschuilen zich in een klodder schuim op lage planten, terwijl de volwassen dieren vrij rondlopen en te vinden zijn op bladeren, in rietstengels, op takken van struiken en op de grond.
De familie Aphrophoridae (schuimcicaden) telt tien soorten, waarvan vandaag de 4e soort in het Zouweboezemgebied is gefotografeerd. Van het geslacht Aphrophora met vijf soorten zijn er door anderen twee, Aphrophora pectoralis (23 juli 2022) en Aphrophora salicina (meerdere keren waargenomen sinds 14 augustus 2019), in het Zouweboezemgebied vastgelegd. Opmerkelijk genoeg was deze derde Aphrophora soort over het hoofd gezien. Vanmorgen zag ik Aphrophora alni geluid maken door zijn vleugels te laten trillen. Ik maakte een foto en met beeldherkenning en de verspreidingskaart zou dan uitwijzen of deze soort al in het gebied was gezien. Niet dus, tot mijn verrassing.
Op 19 juli troffen we Aphrophora alni en Aphrophora salicina samen op een andere locatie in het Zouweboezemgebied.
 |
|
 |
|
|
Aphrophora alni -schuimcicade, op blad van de stekelnoot, Zouweboezemgebied, 17 juli 2026. Rode stip + Z = Zouweboezemgebied. Kaart periode 2000-2026. Nieuwe soort nr. 36 in het Zouweboezemgebied.
|
|
 |
|
| Aphrophora salicina, Zouweboezemgebied, 19 juli 2026. |
|
De vierde en enige soort van het geslacht Philaenus, het schuimbeestje (Philaenus spumarius), is de meest talrijke schuimcicade en volop aanwezig in het Zouweboezemgebied. Vanaf 18 t/m 21 juli hebben we veertien kleurvariëteiten gefotografeerd.
 |
|
 |
|
| Schuimbeestje (Philaenus spumarius), Zouweboezemgebied, 18 juli 2026. De enige soort van het geslacht Philaenus, het schuimbeestje (Philaenus spumarius), is de meest talrijke schuimcicade en volop aanwezig in het Zouweboezemgebied. Vanaf 18 t/m 21 juli hebben we veertien kleurvariëteiten gefotografeerd. |
|
 |
|
| Graslanglijf (vrouw) op reukeloze kamille, Zouweboezemgebied, 17 juli 2026. |
|
 |
|
| Bruine sprinkhaan, Zouweboezemgebied, 17 juli 2026. |
|
 |
|
 |
|
| Ratelaar en nimf, Zouweboezemgebied, 17 juli 2026. |
|
 |
|
| Bruine eenstaart, Zouweboezemgebied, 18 juli 2026. |
|
Dinsdag 14 juli 2026. Vandaag weer twee nieuwe insectensoorten in het Zouweboezemgebied gefotografeerd. Nr. 34 de stekelsluipvlieg en nr. 35 de Zuidelijke luzernevlinder.
 |
|
 |
|
 |
|
| Stekelsluipvlieg (Tachina grossa) op gewone berenklauw, Zouweboezemgebied, 14 juli 2026. Rode stip + Z = Zouweboezemgebied. Kaart periode 2000-2026. Er zijn twee eerdere waarnemingen; in de Alblasserwaard, Gorinchem, 4 juli 2025 en in de Vijfheerenlanden; Fort Everdingen, 14 juli 2025. |
|
De Zuidelijke luzernevlinder (Colias alfacariensis) in het Zouweboezemgebied.
Vanmiddag een luzernevlinder op de akkerdistel gefotografeerd in het Zouweboezemgebied. Met beeldherkenning krijgen de gele luzernevlinders (vrouw) die duidelijk op waarneming.nl op de foto staan, 100% zekerheid.
Bij mijn foto’s van deze luzernevlinder is er echter steeds twijfel tussen de bergluzernevlinder tot 100% (6 foto's), gele luzernevlinder tot 100% (5 foto's), oranje luzernevlinder 58% (1 foto) en zuidelijke luzernevlinder tot 60% (2 foto's). Zie hiervoor de resultaten van de beeldherkenning bij elk paar foto’s.
De zuidelijke luzernevlinder komt in een groot deel van Europa voor. De dichtstbijzijnde populaties vliegen in de Eifel, in de kalkstreken van Wallonië en in de dalen van de Maas en Sambre.
De waardplant is paardenhoefklaver (Hippocrepis comosa), een plant die in Nederland nauwelijks voorkomt (zie het bleek blauwtje). Soms wordt ook bont kroonkruid (Securigera varia) gebruikt. De vlinder leeft in lage, open graslanden, vooral schrale kalkgraslanden. Hij vliegt in twee generaties tussen midden mei en midden juni en tussen midden juli en eind augustus, en overwintert als half volgroeide rups. Hij is vrij honkvast, maar wordt wel eens als zwerver in het zuidelijk deel van Groot-Brittannië waargenomen. Het vermoeden bestaat dat deze Britse exemplaren uit Spanje en Frankrijk afkomstig zijn, terwijl de Nederlandse uit Wallonië of Zuid-Duitsland komen.
De zuidelijke luzernevlinder werd pas in 1947 als zelfstandige soort herkend. Hij is als dwaalgast ten minste negenmaal in Nederland waargenomen: Den Bosch (nb, vrouwtje, juli 1931), Kerkrade (li, mannetje, 7 juni 1945), Nuenen (nb, vrouwtje, 9 augustus 1945), Nuenen (mannetje, nb, 13 augustus 1947), Tiel (ge, vrouwtje, mannetje 14 augustus 1947), Nuenen (nb, mannetje 9 mei 1948), Julianakanaal (li, 8 juni 1949), Leeuwarden (li, adult, 15 september 1962) en Zierikzee (ze, mannetje, 24 augustus 1971).
De soort wordt door zijn gelijkenis met de gele luzernevlinder wellicht soms over het hoofd gezien.
 |
|
 |
|
| Beeldherkenning; bergluzernevlinder 100 en 99%. |
|
 |
|
 |
|
| Beeldherkenning; gele luzernevlinder 100 en 99 % |
|
 |
|
| Beeldherkenning; oranje luzernevlinder 58 % |
|
 |
|
 |
|
| Beeldherkenning; zuidelijke luzernevlinder 50 en 60 % |
|
 |
|
|
Zuidelijke luzernevlinder, vrouw (Colias alfacariensis) op akkerdistel, Zouweboezemgebied, 14 juli 2026. Rode stip + Z = Zouweboezemgebied. Kaart periode 2000-2026.
Met beeldherkenning krijgen goedgekeurde foto’s van de gele luzernevlinder (vrouw) die duidelijk op waarneming.nl staan, 100% zekerheid. Bij mijn bovenstaande foto’s van een luzernevlinder is er echter steeds twijfel tussen de bergluzernevlinder tot 100%, gele luzernevlinder tot 100% en zuidelijke luzernevlinder tot 60%. Zie hiervoor de resultaten van de beeldherkenning bij elk paar foto’s.
|
|
Vrijdag 10 juli 2026. In het Zouweboezemgebied staan de slootkanten al weken vol met bloeiende moerasspirea, waar zweefvliegen op foerageren. Meestal loop je er langs en kijk je terloops welke soorten erop zitten. Soms groeit de moerasspirea langs het wandelpad en neem je de tijd om beter te kijken, omdat je kunt fotograferen wat erop zit. Zoals vanmorgen: daar zat hij dan, de platte zweefvlieg. Vijftien jaar geleden, op 5 augustus 2011, was ik ook de enige waarnemer in het Zouweboezemgebied, toen nog op de gewone berenklauw in die zelfde omgeving gezien.
 |
|
 |
|
| Platte zweefvlieg (vrouw) op moerasspirea, Zouweboezemgebied, 10 juli 2026. Ook op 23 juli gezien. Zweefvliegensoort nr. 111 van 2026. Rode stippen + Z = Zouweboezemgebied. Kaart periode 2000-2026. |
|
 |
|
 |
|
| Paddenstoelgitje, vrouw (Cheilosia scutellata) op gewone berenklauw, Zouweboezemgebied, 12 juli 2026. Zweefvliegensoort nr. 112 van 2026. De derde waarneming van het paddenstoelgitje in de Vijfheerenlanden. De eerste in het Viaanse bos (rode stip), 18 aug. 2011, de 2e door anderen in het Zouweboezemgebied, 8 sept. 2019 en de derde in het Zouweboezemgebied, 12 juli 2026. Rode stip + Z = waarneming Zouweboezemgebied |
|
 |
|
| Dofbuikgitje (man) op gewone berenklauw, Zouweboezemgebied, 10 juli 2026. |
|
 |
|
| Glimmende platbek (copula) op gewone berenklauw, Zouweboezemgebied, 11 juli 2026. |
|
 |
|
 |
|
| Stipgoudoogdaas (mannetje), hetzelfde exemplaar eerst met groene en twee seconden later met rode ogen, op gewone berenklauw in het Zouweboezemgebied, 10 juli 2026. |
|
 |
|
| Grijze runderdaas (vrouw), Zouweboezemgebied, 11 juli 2026. |
|
 |
|
| Rosse knobbeldaas (vrouw), Zouweboezemgebied, 10 juli 2026. |
|
 |
|
| Gele klitboorvlieg (copula) op grote klis, Zouweboezemgebied, 9 juli 2026. |
|
 |
|
| Kleine knoopkruidboorvlieg (vrouw) op gewone berenklauw, Zouweboezemgebied, 11 juli 2026. |
|
 |
|
 |
|
| Veldhommel (man) op koninginnenkruid, Zouweboezemgebied, 10 juli 2026. |
|
 |
|
| Brede wespenorchis, Zouweboezemgebied, 10 juli 2026. |
|
Donderdag 9 juli 2026. Terwijl we door het Zouweboezemgebied struinden, kwamen we zoals altijd iets onverwachts tegen en struikelden we bijna over de drie soorten doornsprinkhanen. De vierde soort het kalkdoorntje zat er weer niet tussen.
 |
|
| Gewoon doorntje, Zouweboezemgebied, 9 juli 2026. |
|
 |
|
| Zanddoorntje, Zouweboezemgebied, 9 juli 2026. |
|
 |
|
| Zeggendoorntje, Zouweboezemgebied, 9 juli 2026. |
|
Maandag 6 en dinsdag 7 juli 2026. Vandaag foto's gemaakt voor de fotopagina's van boktorren, dagvlinders en sprinkhanen in het Zouweboezemgebied. Op de foto staan de gevlekte smalboktor, gewone distelboktor, boomblauwtje, kleine vuurvlinder, gehakkelde aurelia, moerassprinkhaan, krasser, gewoon doorntje, gewoon spitkopje en zuidelijk spitskopje.
Sinds eind mei zien we bij de blaaskopvliegen nog steeds alleen het gewoon knuppeltje en de roestbruine kromlijf op de akkerdistels, samen met de hommels waarop ze parasiteren. Op de gewone berenklauw duikt af en toe een gewone wesp of een Franse veldwesp op. Nu is het de komende weken afwachten tot hun blaaskopvliegparasiet, de stekeldrager, verschijnt.
 |
|
 |
|
 |
|
| Gewoon knuppeltje op akkerdistel, Zouweboezemgebied, 6, 8 en 10 juli 2026. |
|
Veldwespwaaiertje (Polistes dominula), de 31e nieuwe insectensoort in het Zouweboezemgebied.
 |
|
| De Franse veldwesp heeft nog een parasiet, waarmee we vandaag onverwacht kennismaakten. Dit bizarre beestje zit in het achterlijf van de Franse veldwesp, Polistes dominula. Sluiten de achterlijfsegmenten van zo’n wesp niet netjes op elkaar aan, maar piept er een donkere uitstulping tussenuit? Dan is het dier geparasiteerd door een veldwespwaaiertje. |
|
 |
|
| Veldwespwaaiertje op de Franse veldwesp, Zouweboezemgebied, 6 juli 2026. Rode stip + Z = Zouweboezemgebied. Kaart periode 2000-2026. |
|
Dit bizarre beestje zit in het achterlijf van de Franse veldwesp, Polistes dominula. Sluiten de achterlijfsegmenten van zo’n wesp niet netjes op elkaar aan, maar piept er een donkere uitstulping tussenuit? Dan is het dier geparasiteerd door een veldwespwaaiertje, een insect dat behoort tot de waaiervleugeligen. De parasiet is als larfje in de wesp gekropen toen die ook nog een larf was. Ze zijn samen opgegroeid. De wespenlarve at vlees. Het waaiertje at de wesp, maar alleen de niet-noodzakelijke delen.
Een vrouwelijk waaiertje ziet er niet uit als een insect. Het deel van haar dat in de wesp zit is een zak met eieren. Wat er net uitsteekt zijn kop en borststuk, maar dan zonder ogen, antennen of de zes pootjes waaraan je een insect herkent. Die heeft ze allemaal niet. Ze heeft ook al geen vleugels. Dat ze toch waaiervleugelige heet, is vanwege de mannelijke sekse.
Het mannetje heeft wel vleugels, die de vorm hebben van een waaier, waarmee hij naar zo’n vastzittende vrouw vliegt. Hij vindt haar door haar lokstoffen (feromonen) te ruiken met de vreemd gevorkte sprieten op zijn kop. Dat moet hij allemaal heel snel doen, want hij leeft maar een uur. Heeft hij haar gevonden, dan paart hij met haar, maar niet met haar geslachtsorganen, want die heeft ze ook al niet. Hij levert zijn zaad via haar kopborststuk rechtstreeks af in de zak met eieren die ze daarachter eigenlijk is.
Veldwesp leeft langer
Als een Franse veldwesp geparasiteerd is door een vrouwelijk waaiertje, leeft ze niet de gebruikelijke enkele weken, maar kan ze maanden oud worden. Ze moet namelijk overwinteren. Zo is ze erbij als er het volgend voorjaar een nieuwe kolonie gesticht wordt. Die wordt dan weer belaagd door de larven van de waaiervleugeligen die dankzij haar ook het koude seizoen hebben doorstaan. De parasiet kan dus levensverlengend zijn.
 |
|
 |
|
| Franse veldwesp met parasiet; veldwespwaaiertje op gewone berenklauw, Zouweboezemgebied, 6 juli 2026. |
|
 |
|
 |
|
| Dofbuikgitje (man) op gewone berenklauw, Zouweboezemgebied, 6 juli 2026. |
|
 |
|
| Groefbijendoder met prooi; een groefbij op heelblaadje, Zouweboezemgebied, 9 juli 2026. |
|
Van de familie Tabanidae (dazen) komen in Nederland 31 soorten voor, waarvan er negen in het Zouweboezemgebied zijn waargenomen.
 |
|
|
Stipgoudoogdaas, man (Chrysops viduatus) op akkerdistel, Zouweboezemgebied, 7 juli 2026.
Het geslacht Chrysops bevat 5 soorten waarvan alleen de stipgoudoogdaas en de gewone goudoogdaas (Chrysops relictus) in het Zouweboezemgebied zijn gezien.
|
|
 |
|
|
Gewone-of-vergeten-tandkaak (Enoplognatha ovata/latimana) met prooi; kleine rode weekschild op gewone berenklauw, Zouweboezemgebied, 7 juli 2026.
De gewone tandkaak en de vergeten tandkaak kunnen alleen worden onderscheiden door genitaal onderzoek.
|
|
 |
|
|
Kleine moeraswapenvlieg (Oplodontha viridula) op akkerdistel, Zouweboezemgebied, 7 juli 2026.
Sinds 2021 wordt op de Lekuiterwaard bij Everdingen ook de iets grotere veenmoeraswapenvlieg (Odontomyia angulata) waargenomen, maar in het Zouweboezemgebied is hij nog steeds niet gespot. Best vreemd!
|
|
 |
|
| Wilgenwespvlinder op braam, Zouweboezemgebied, 7 juli 2026. |
|